Precies in de tijd dat de vader van Arjan El Fassed (1973) in 1967 voor werk in Nederland verbleef, sloot Israël de grenzen voor alle Palestijnen die zich op dat moment in het buitenland bevonden. Zij waren niet fysiek bij de volkstelling aanwezig, dus telden zij letterlijk niet meer mee. Sinds dat jaar kunnen deze Palestijnen alleen als toerist hun geboorteland betreden. En zo begint het verhaal van El Fassed, zoon van een Palestijnse vader en Nederlandse moeder, opgegroeid in Vlaardingen, maar nog altijd met een half been in het land van zijn voorouders.

El Fassed verblijft diverse periodes op de Westelijke Jordaanoever, in de steden Nabloes en Ramallah, waar zijn wortels liggen. Hij maakt het vredesproces en de opstanden die ermee gepaard gingen van dichtbij mee. Aan de hand van de bewogen geschiedenis van zijn familie – oom Bassam was burgemeester van Nabloes en verloor zijn benen bij een bomaanslag, neef en nicht Amin en Ghadir demonstreerden tijdens de intifada en opa Radi kwam om door een aanval van Israëlische gevechtsvliegtuigen – geeft El Fassed een heldere kijk op wat er voor de Palestijnen is gebeurd sinds zestig jaar geleden in mei 1948 de staat Israël werd gesticht.

Tijdens de eerste volksopstand loopt El Fassed mee in demonstraties, maar hij leert al gauw dat hij niet in de wieg is gelegd om stenen te gooien. Hij ziet niet alleen onderdrukking van Israëlische zijde, maar ook corruptie aan de Palestijnse kant. In een ooggetuigenverslag vertelt hij het verhaal van het Palestijnse volk dat een zo normaal mogelijk leven probeert te leiden tussen de opstanden en huisarresten door. Want ook Palestijnen houden van lekker eten, feesten en een goed gesprek bij de groenteboer op de hoek.























Niet iedereen kan stenen gooien


Auteur: Arjan El Fassed

Uitgeverij Nieuwland, 2008

ISBN 9789086450275

ISBN10 908645027X

ca. 251 pagina's

Formaat 13,5 x 21,6 cm